Paniek in de bieb

Vlak voor de ingang van de bieb werd ik voorbij gestiefeld door een mevrouw uit de bieb.
Het was net alsof ze op de vlucht was.
In het voorbijgaan riep ze: Maak je borst maar nat; we hebben nieuwe apparatuur!

Voorzichtig, een stapeltje uitgelezen boeken onder mijn arm, betrad ik het rampgebied.
Op de plaats waar eerst een Senseo apparaat stond te verkalken, stond nu een ondefinieerbaar apparaat. Een aantal vrijwilligers, waaronder mijn moeder, en een aantal klanten stond er omheen. Ze bekeken het ding alsof het een boodschap uit de toekomst was dat door het dak naar binnen was gevallen.

Ik legde mijn boeken op de onbemande innameplaats en wachtte rustig af.
Het is zelfbediening, voortaan, zei een vrijwilligster, niet mijn moeder, en ze wees naar het apparaat.
Ik zal even voordoen hoe het werkt, zei ze.
Hoeft niet, antwoordde ik. Ik weet al hoe het werkt.

Dat was waar. Ik ben een man van de wereld en kom soms in Leerdam, in de bieb. Daar stond ik de eerste keer ook wortel te schieten bij een balie waar je vroeger iemand je pasje gaf en je boeken en waarmee je dan tussendoor een praatje kon maken over het weer of over een boek dat je gelezen had en dat je niet voor je zelf wilde houden.
Is er een probleem? vroeg de vrijwilliger in Leerdam. Nee, zei ik; ik heb alles gevonden wat ik zocht. Dat is mooi, zei ze, dan kan je ze daar inscannen en ze vervolgens gaan lezen.

Maar goed, terug naar Lexmond, waar we tot nu toe nog niet zo vreselijk ontwikkeld waren als de mensen in Leerdam. De vrijwilligster legde mij toch alles uit, stap voor stap. En de boeken kunnen op de kar, sloot ze af.

Na mij kwam een krom gegroeid dametje met een stapel streekromans in haar verrimpelde knuisten richting de voormalige balie geschuifeld.
We hebben nieuwe apparatuur, riepen de vrijwilligers en ze wezen het vrouwtje op het altaar van vernieuwing waar ze duidelijk van gruwde.
Oh nee, o nee, dat kan ik niet, piepte ze.

Maar wij helpen u, zeiden de vrijwilligers. En ik meende iets van opluchting te horen in hun stem.
Het ging allemaal goed. Iedereen kreeg zijn of haar boeken mee naar huis.
Maar of ik het er leuker op vind geworden weet ik niet.